V

Vereniging van
N

Nederlandse
K

Kunsthistorici


Kunsthistorische prijzen

Op de jaarlijkse Kunsthistorische Dag van de VNK worden vier prijzen uitgereikt. Twee daarvan zijn van de VNK zelf, te weten: De Karel van Mander prijs en de Jan van Gelder prijs. Voor de andere twee prijzen,  de Gijselaar- Hintzenfonds prijs en de Mr. J.W. Frederiks prijs, biedt de VNK op haar Kunsthistorische Dag een podium.

T32_Daphna Laurens_3984

 

 

 

 

 

 

 

 

Karel van Mander prijs

Jaarlijkse prijs van de VNK voor een waardevolle publicatie van een Nederlandse of in Nederland werkende kunsthistoricus.

Als long list dient de in het jaar voor de prijsuitreiking verschenen VNK-bibliografie die een bepaalde periode in de kunstgeschiedenis beslaat en die publicaties over de laatste vijf jaar bevat. Dit betekent dat de Karel van Manderprijs jaarlijks in een ander deelgebied wordt uitgereikt en dat een deelgebied om de vijf jaar aan de beurt is (deze structuur wordt sinds 2004 gehanteerd). De juryleden kunnen indien belanghebbende publicaties in de bibliografie ontbreken deze eveneens voordragen.

De laureaat ontvangt een bedrag van € 1500,- en een trofee, ontworpen door Daphna Laurens.

2016: M. Hurx (juryrapport)
2015: A. Stijnman (juryrapport)
2014: Z. van Ruyven-Zeman (juryrapport)
2013: M. Ilsink (juryrapport, KvM – inhalen 2008), E. Koolhaas-Grosfeld (juryrapport)
2012: C.P. Krabbe (juryrapport)
2011: C. Roodenburg-Schadd (juryrapport)
2010: E. Hinterding (juryrapport)
2009: E. Korthals Altes (juryrapport)
2008: x
2007: J. Kroesen, R. Steensma (juryrapport)
2006: J. Goudeau
2005: C. van Winkel
2004: R. Duits
2003: x
2002: E. de Groot (KvMI), L. Tibbe (KvMI)
2001: G. van Wezel (KvMII)
2000: x
1999: P.J.J. vanThiel (KvMI)
1998: x
1997: H. Miedema (KvMI), B. van Hellenberg Hubar (KvMII)
1996: x
1995: x
1994: J.R.J. van Asperen de Boer (KvMI), J.E. Bosma (KvMII)
1993: x
1992: x
1991: H.W. van Os (KvMI), K. Ottenheym (KvMII)
1990: x
1989: x
1988: x
Daphna Laurens_3894

 

 

 

 

 

 

 

Jan van Gelder prijs

Jaarlijkse prijs van de VNK voor een waardevolle publicatie op het gebied van de beeldende kunsten, architectuur en toegepaste kunsten. De Jan van Gelderprijs is bedoeld als aanmoediging voor een jonge en veelbelovende Nederlandse kunsthistoricus. De auteur van deze publicatie dient bij het verschijnen ervan niet ouder dan 35 jaar te zijn en kan de prijs slechts eenmaal krijgen. Publicaties uit het jaar voorafgaand aan de jurering komen in aanmerking. Zij moeten voldoen “aan de algemeen geldende wetenschappelijke eisen en getuigen van oorspronkelijkheid”.

De laureaat ontvangt een bedrag van € 1000,- en een trofee, ontworpen door Daphna Laurens.

2016: Sara van Dijk (juryrapport)
2015: x
2014: C. Wesselink (juryrapport)
2013: L. Beeckmans (juryrapport)
2012: M. Bol (juryrapport)
2011: E. Rovers (juryrapport)
2010: L. van den Hengel (juryrapport)
2009: W. Bakker, T. Weststeijn (juryrapport)
2008: x (juryrapport)
2007: A. Janssen
2006: J. de Haan
2005: K. Jonckheere
2004: G. van der Wal
2003: O. Velthuis
2002: M. Hageman
2001: S. Lütticken, B. de Klerck
2000: x
1999: x
1998: P. Brouwer
1997: E. Kolfin
1996: x
1995: M. de Winkel
1994: E. van Binneke
1993: x
1992: M. Kwakkelstein
1991: L. Helmus
1990: G. Kieft
1989: B.C.M. van Hövell tot Westerflier-van Hellenberg Hubar
1988: x
1987: J.L. de Jong
1986: J.A. de Haan
1985: L. van Tilborg

 

Gijselaar- Hintzenfonds prijs

Tweejaarlijkse prijs van de Stichting De Gijselaars-Hintzenfonds voor een kunsthistoricus die een belangrijke bijdrage heeft geleverd aan het stimuleren van kunsthistorische kennis bij een breder publiek. Het fonds dankt zijn naam aan twee bemiddelde vrouwen, Theodora Clementine de Gijselaar en dr Johanna Dorina Hintzen. In 1935 riepen zij samen een stichting in het leven, ‘ten doel hebbende de bevordering der volksontwikkeling door het beschikbaar stellen van lichtbeelden, foto’s en alhetgeen de fotografische techniek haar verder mogelijk zal maken, een en ander in de ruimsten zin des woords’. Deze doelstelling is enige malen aan de tijd aangepast, maar de volksontwikkeling bleef tot en met de statutenwijziging van 1963.

Het huidige bestuur van deze Stichting heeft in 2010 besloten een naar de dames genoemde prijs in het leven te roepen, die uitgereikt zal worden aan iemand, die een of meerdere publicaties over beeldende kunst heeft geschreven voor een breder publiek – een modernere benaming voor ‘volksontwikkeling’, ooit opvoedkundig bedoeld, en nu door iedereen als stimulans ervaren.

www.degijselaarhintzenfonds.nl

Juryrapporten:
Jan Teeuwisse: 2016 (Juryrapport)
Fieke Tissink: 2013 (Juryrapport)
Eddy de Jongh: 2011 (Juryrapport)


Mr. J.W. Frederiks prijs

Driejaarlijkse prijs, ingesteld door de Stichting Mr. J.W. Frederiks, voor een toonaangevende Nederlandse publicatie op het gebied van de kunstnijverheid, de kleine plastiek en de ornamentiek.

www.stichtingmrjwfrederiks.nl

Juryrapporten:
2015
2012
2009
2006

 

Buchelius prijs

Van 1958 t/m 1987 werd door de VNK de Buchelius prijs uitgereikt, bestaande uit een bedrag in geld voor documentair-kunsthistorisch onderzoek door in Nederland werkzame onderzoekers.

1987: x
1986: W. Th. Kloek, J.P. Filedt Kok, W. Halsema-Kubes
1985: P. Schatborn
1984: J.R. ter Molen
1983: S. Segal
1982: J. Bruyn, B. Haak, S.H. Levie, P.J.J. van Thiel, E. van de Wetering
1981: W.H. Vroom
1980: Th. Laurentius
1979: H. Hagens
1978: W.E.S.L. Keyser-Schuurman, M.C.M. Wishaupt
1977: J.M. Baart
1976: B. Dubbe
1975: H.A. van Oerle
1974: S.W.A. Drossaers, J.R.J. van Asperen de Boer
1973: H. Miedema
1972: J.H. Leopold, J. Joosten
1971: L. Frerichs
1970: P.A. Scheen
1969: J.V.C. Hefting, Th.A.G. Wilberg Vignan-Schuurman
1968: H. Hoetink, C. van Hasselt
1967: B.J.A. Renckens, J.L. Locher
1966: x
1965: E.J. Haslinghuis
1964: J. Verbeek, P.J.J. van Thiel
1963: J. Martinet
1962: Th. H. Lunsingh Scheurleer
1961: C. Bille
1960: H.F. Wijnman
1959: L.J. Bol
1958: I.H. van Eeghen

 

Carel van Mander prijs

Van 1958 t/m 1987 had de Carel van Mander prijs een ander karakter. De prijs werd uitgereikt voor kunsthistorisch onderzoek door jonge in Nederland werkzame kunsthistorici (onder de 40 jaar). Deze stimuleringsprijs veranderde tussen 1985 en 1988 van naam en is tegenwoordig de Jan van Gelder prijs.

1987: S. de Blaauw, A. van der Woud
1986: E.S. de Jongh
1985: A.M. Koldewey, R.L. Falkenburg
1984: B. Haak
1983: M. Bock
1982: x
1981: C. Blotkamp
1980: x
1979: J.P. Filedt Kok
1978: E. Taverne
1977: I.M. Veldman
1976: H.W. van der Meulen-Schregardus
1975: C.W. Fock
1974: W.L. Stokvis
1973: K. Broos, J. Niemeyer
1972: x
1971: H. van Helsdingen
1970: x
1969: H.W. van Os, C.J.A.C. Peeters
1968: x
1967: x
1966: A.W. Reinink, C.A. van Swigchem
1965: J.A. Emmens
1964: R.W. Scheller
1963: H. van Straten, C.L. Temminck Groll
1962: H. Gerson
1961: E.K.J. Reznicek
1960: S.J. Gudlaugsson
1959: K. Fremantle
1958: R. Meischke

Voor de geschiedenis en meer achtergrondinformatie over de Kunsthistorische Prijzen, zie A. de Vries e.a., Onder Kunsthistorici. De Vereniging van Nederlandse Kunsthistorici 1939-2014, Zwolle 2014: pp. 52-57.