Logo VNK

menu

Call for papers

Call for Papers: Het Utrechtse kunstveld kritisch beschouwd

Zelden wordt Utrecht genoemd als spil van de Nederlandse kunstwereld. Toch kent de stad wel degelijk een levendige en diverse kunstscene met een heus museumkwartier, toonaangevende instituten als het Centraal Museum en BAK, de grootste kunstacademie van het land en Kunstliefde als een van de oudste kunstenaarsgenootschappen. Hoe verhouden deze instituten zich tot elkaar en tot de rest van Nederland? En waar ligt mogelijk nog onontgonnen potentieel voor Utrecht?

In het najaarsnummer 2018 van tijdschrift Article staat een kritische verkenning van het Utrechtse kunstveld centraal. Kwesties die beschouwd zouden kunnen worden variëren van praktische ontwikkelingen tot meer institutionele en zelfs discursieve trends die zich hier afspelen. Overkoepelend kan de vraag gesteld worden, wat is er Utrechts aan de Utrechtse kunstwereld?

Historisch gezien zijn daar een aantal interessante onderwerpen aan te verbinden, denk aan het Rietveld-Schröderhuis, de Utrechtse Caravaggisten en het Domplein – alledrie typisch Utrechtse culturele hoogtepunten met internationale allure. Aan de twee eerstgenoemde thema’s wordt ruimschoots aandacht besteed in het programma van het grootste museum van Utrecht. En ook wat betreft modecollectie loopt het Centraal Museum nationaal gezien voorop. In hoeverre slagen zij erin een stimulans te bieden binnen deze disciplines? En hoe doen de andere musea dat; maakt het Utrechtse Museumkwartier zijn naam waar?

Op discursief niveau vinden de meest urgente ontwikkelingen plaats in BAK en Casco, presentatie-instellingen die beiden structurele kritiek formuleren op politiek-ideologische machtsstructuren waaruit instituties – waaronder zijzelf – bestaan. In de praktijk blijkt het echter vaak lastig om de brug te slaan naar de publieke ruimte, en, meer nog, naar de mensen daarin. Maar doet het onvermogen een groot publiek te bereiken af aan de relevantie van deze instellingen? En wat is eigenlijk hun specifieke relatie tot Utrecht?

Een andere interessante kwestie betreft de wisselwerking tussen galeries, kunsthandels en verzamelaars enerzijds, en musea, critici en academici anderzijds. Oftewel, hoe staat het in Utrecht met de – recentelijk veel ter discussie gestelde – overschrijding van de grenzen tussen commerciële en niet-commerciële wereld? Gerelateerd hieraan is het ook interessant te kijken naar hoe Utrechtse opleidingsinstituten en hun studenten zich hiertoe verhouden. Worden de studenten van de Universiteit Utrecht en de HKU genoeg voorbereid om zich in het hedendaagse kunstklimaat staande te houden? Is er voldoende binding met de stad, en hoe zit het eigenlijk met atelierruimte, culturele hotspots en gentrificatie in Utrecht?

Deze vragen kunnen tevens leiden tot een kritische blik op het gemeentelijk beleid ten aanzien van kunst, cultuur en ruimtelijke ordening. Zijn de ingrijpende veranderingen in verleden en heden in het Utrechtse stationsgebied bijvoorbeeld een reflectie van architecturale trends? Ten slotte is er nog een aardige link te leggen met het voorjaarsnummer van Article over kunst in het (post-)digitale tijdperk. Speelt Utrecht hier voldoende op in met initiatieven als Impakt Festival en medialab SETUP?

De redactie van Article is voor het aankomende nummer op zoek naar bijdragen die kritisch reflecteren op bovengeschetst thema. Daarnaast bevat elk nummer vanaf 2018 ook een niet-thematisch deel; de redactie is dus tevens op zoek naar artikelen die een andere interessante casus tot onderwerp hebben. Bovendien accepteren we vanaf dit nummer ook voorstellen van Engelstalige auteurs.

Voorstellen voor artikelen zijn rond de 300 woorden en kunnen tot 16 mei worden gestuurd naar article@stichting-art.nl. Artikelen zijn tussen de 1500 en 3000 woorden. Hierbij is het ook mogelijk om voorstellen voor artikelen met een afwijkende vorm, zoals een beeldessay, in te dienen. De eerste deadline voor artikelen is 1 juli.

Rembrandt van Rijn, Homerus, 1663, Mauritshuis, Den Haag (Fotografie: Margareta Svensson)