
Prijzen: Juryrapport Mr. J.W. Frederiksprijs 2009
Jochem Kroes, Chinese armorial Porcelain for the Dutch market, Den Haag/Zwolle 2007
Uw monumentale boek - maar liefst 718 bladzijden omvattend – brengt voor het eerst een fenomeen in kaart dat kenmerkender blijkt te zijn voor de Nederlandse kunstgeschiedenis dan werd aangenomen. Chinees wapenporselein leek altijd meer een Engelse, Portugese of Amerikaanse aangelegenheid, al was natuurlijk bekend dat er ook serviezen zijn met Nederlandse wapens. Dat blijken er nu zelfs zo’n 500 te zijn, waarvan er 455 in dit boek zijn beschreven en afgebeeld. Bovendien blijkt de ontwikkeling van Chine de commande wapenporselein in Nederland relatief vroeg te zijn ingezet – niet verwonderlijk, gezien de geschiedenis van de VOC – en zijn verschillende typen en patronen als uniek voor ons land geanalyseerd.
U, mijnheer Kroes, bent geen kunsthistoricus. U bent in 1991 gepromoveerd in de sociale geografie en werkt sinds 1989 bij het Centraal Bureau voor Genealogie. De ingang tot het wapenporselein lag voor U dan ook bij de wapens en dit wordt weerspiegeld in de opzet van het boek. Wat echter bewondering afdwingt, en de jury heeft gemotiveerd U de Frederiksprijs toe te kennen, is dat U zich het gebied van de kunstgeschiedenis en de daarbij behorende methodes voldoende heeft eigengemaakt om tot een voldragen publicatie te komen. Voor de classificatie van het materiaal bent U zo verstandig geweest aan te knopen bij het systeem, ontwikkeld door de Engelse kenner op dit gebied, David Howard. Daardoor sluit Uw boek aan bij de internationale publicaties over Chinees wapenporselein en zijn de gegevens beschikbaar voor studies die het Nederlandse overstijgen – mede doordat het boek in het Engels is verschenen. Maar het speurzoeken, het niet aflaten voordat zo veel mogelijk bewaard gebleven objecten zijn getraceerd en zo mogelijk gehanteerd, de tact en doorzettingsvermogen vereisende contacten met eigenaren van porselein en met andere onderzoekers – uit alles in Uw boek blijkt dat U die hele praktijk van het op objecten gerichte kunsthistorische onderzoek hebt omhelsd – met bewonderenswaardig resultaat.
In de commentaren op de afzonderlijke serviezen hebt U vervolgens Uw heraldische en genealogische belangstelling de vrije loop gelaten. Daardoor is een enorme hoeveelheid gegevens over Nederlandse opdrachtgevers bijeengebracht, gekoppeld aan bewaard gebleven voorwerpen – een ware Fundgrube voor iedere onderzoeker op het gebied van de Nederlandse 18de-eeuwse kunst- of cultuurgeschiedenis. U hebt niet alleen het porselein geclassificeerd, maar ook de opdrachtgevers en eigenaren naar categorieën ingedeeld. Het resultaat is een zeldzaam uitvoerige en inspirerende bijdrage tot de geschiedenis van de kunstnijverheid in Nederland. Niet voor niets heeft de publicatie van het boek al geleid tot een tentoonstelling over dit onderwerp in het Haagse Gemeentemuseum. We kijken uit naar nieuwe vruchten die het werk ongetwijfeld zal dragen.
Proefschrift: Richard Harmanni, Jurriaan Andriessen (1742-1819): behangselschilder, z.pl. 2006
De 18de eeuw is lang een stiefkind geweest binnen de Nederlandse kunstgeschiedenis, en in het bijzonder geldt dit voor de decoratieve schilderkunst, die samen met stucwerk toen de belangrijkste decoratieve afwerking vormde in huizen en openbare gebouwen in Nederland. Door uw onderzoek naar de zeven stijlkamers uit het stedelijke Amsterdamse bezit – al decennia lang niet meer tentoongesteld – stuitte U op de unieke ateliernalatenschap van Jurriaan Andriessen, verdeeld over het Amsterdamse Stadsarchief en het Prentenkabinet van het Rijksmuseum. Deze fantastische bron – circa 490 tekeningen waarvan bijna 300 behangselontwerpen – vormt de basis van Uw, door de Jury vandaag bekroonde en omvangrijke proefschrift.
Die schier onoverzienbare hoeveelheid tekeningen van vrijwel uitsluitend landschappen, heeft U met grote inventiviteit en oog voor elk op zich vaak onbetekenend detail, weten te ordenen tot sets van bij elkaar horende ontwerpen voor afzonderlijke vertrekken. Op het merendeel van deze sets bleek vervolgens wel ergens de naam van een opdrachtgever vermeld te zijn en onverwacht kwam hiermee ook vrijwel de gehele klantenkring van Andriessen in beeld en daarmee geheel nieuwe onderzoeksmogelijkheden. De vage naamsaanduidingen heeft U door uitputtend archiefonderzoek niet slechts vrijwel allemaal kunnen identificeren, maar tevens hun woningen, in Amsterdam maar ook elders, getraceerd. Zelfs zijn van deze – deels niet meer bestaande – huizen zoveel gegevens achterhaald dat de plaats van het vertrek binnen de woning meestal kan worden bepaald.
Eerst hierna kan, tegen de achtergrond van een uitvoerig hoofdstuk over de geschiedenis van de toepassing van deze geschilderde wandbehangsels in Nederland, het feitelijke interpreteren en de analyse van al dit materiaal beginnen! Dat betreft uiteenlopende invalshoeken zoals natuurlijk Andriessens opleiding en loopbaan, zijn leerlingen en zijn tot nu toe onbekende bemoeienissen met de kunsthandel, evenzeer als het sociale netwerk dat tussen zijn opdrachtgevers blijkt te hebben bestaan. Of het soort vertrekken dat voor dit type decoratie in aanmerking kwam, maar ook de ruimtelijke werking die Andriessen met zijn landschapschilderingen in de interieurs beoogde. En vanzelfsprekend de schilderingen zelf en de ontwerpen daarvoor: de diverse genres zoals klassiek-arcadisch, Italianiserend of inheems Hollands; hun thematiek: al of niet historisch, landschappelijk of zuiver decoratief, maar ook de toegepaste perspectivische hulpmiddelen. Tenslotte is er de uitvoerige catalogus van alle bewaarde schilderingen en ontwerpen, met diverse bijlagen, onder meer over zijn opdrachtgevers en hun huizen.
Het resultaat is een dusdanig compleet beeld van Andriessens werkzaamheden en de door hem gedecoreerde interieurs, zoals dat van géén van zijn collega’s ooit nog zal kunnen worden geëvenaard, een resultaat dat een belangrijke bijdrage biedt aan de geschiedenis van het Nederlandse interieur. De Jury is vooral onder de indruk van de breedheid van Uw onderzoek; hopelijk vormt de prijs een stimulans deze resultaten in een op een grotere lezerskring gerichte publicatie een wijdere verspreiding te geven.